Masterclass II & Emancipatie

Masterclass II ging over wetenschap, politiek, filosofie en economie. Dr. Gijs van Oenen sprak over filosofie, waar ‘disagree to disagree’ het fundament vormt van zijn filosofie, maar hij sprak ook over emancipatie – vrijheid om te kunnen bereiken wat we nodig hebben om tot rationaliteit te komen. Hieronder een uitgebreide samenvatting van de masterclass en het leesmateriaal van Gert Biesta (Toward a New “Logic” of Emancipation: Foucault and Rancière).

Emancipatie, letterlijk het wegnemen van de hand, verwijst naar het vrij zijn van een eigenaar. Diegene die geëmancipeerd is, is vrij en onafhankelijk als gevolg van de daad van emancipatie.
Tegenwoordig betekent emancipatie vrij zijn, je eigen keuzes kunnen maken en deze verantwoorden. Denk aan emancipatie van de vrouw of van arbeiders. Maar, emancipatie heeft altijd al een link met onderwijs gehad. Het markeert het moment en het proces wanneer een afhankelijk kind een onafhankelijke volwassene wordt.

Maatschappelijke emancipatie leidt tot Verlichting

Op een grotere schaal wordt emancipatie ook toegeschreven aan periodes in de geschiedenis, zoals de Verlichting. Immanuel Kant definieert in zijn essay: “Wat is Verlichting?” de verlichting als het vrijkomen van de mens van zijn eigen onvolwassenheid. Die onvolwassenheid betekent het niet kunnen gebruiken van je vermogen tot ‘begrijpen’ zonder de directie van een ander. De Verlichting was dus een periode om onafhankelijk en autonoom te worden en deze vergaarde autonomie was ten gevolge van het gebruik van de rede, volgens Kant. Hij vond ook dat iedereen capabel was om tot een zekere verlichting te komen door middel van onderwijs. Samengevat stelt Kant dat volwassenheid samenhangt met rationaliteit en dit wordt gezien als de basis voor onafhankelijk en autonomie.
De transitie van afhankelijkheid (kind) en onafhankelijkheid (volwassen) geschiedt door onderwijs. Onderwijs vormt daardoor de hoeksteen voor vrijheid. Hier komt een goede paradox bij kijken en dit is netjes samengevat door Kant zelf: “Hoe cultiveer ik vrijheid door dwang?”.

Emancipatie heeft dus te maken met onderwijs, maar het heeft ook met filosofie te maken. Want om emancipatie te bereiken en dus onszelf te bevrijden van onderdrukkende krachten, moeten we weten hoe die krachten opereren. Maar juist door de manier waarop de krachten werken op ons zelfbewustzijn kunnen we ons afvragen of bevrijding echt mogelijk is. Dus om emancipatie te bereiken, moeten we geleid worden door iets of iemand die buiten de invloed van ideologie om staat; bijvoorbeeld wetenschap of filosofie.

Oftewel, emancipatie kan alleen door interventie van iemand van buitenaf; die niet onderhevig is geweest aan de krachten die overwonnen moeten worden om vrij te zijn. Gelijkheid is dan het resultaat van emancipatie. Maar er zijn een aantal problemen met hoe we denken over moderne emancipatie.

Problemen met ‘moderne’ emancipatie

1. Emancipatie gaat over vrijheid, autonomie en onafhankelijkheid. Maar toch is degene die emancipatie ondergaat afhankelijk van de interventie van de emancipator (degene die jou bevrijdt, je leraar of trainer). En hoe lang duurt deze afhankelijkheid dan wel niet? Moet de geëmancipeerde voor altijd trouw en dankbaar blijven aan de emancipator? Moeten slaven dankbaar blijven aan hun meesters die hen hebben bevrijd?
2. Emancipatie gaat ook over gelijkheid. Maar een ongelijkheid moet bestaan tussen de geëmancipeerde en de emancipator, want de emancipator moet de manier om vrij te worden, laten zien, wat een superioriteitspositie suggereert. Deze ongelijkheid gaat nooit weg. Een meester blijft een meester, een slaaf wordt hoogstens een voormalige slaaf of een geëmancipeerde slaaf. Maar nooit een meester.
3. De logica van emancipatie berust op dat we onze eigen ervaringen niet mogen geloven, maar dat we een ander nodig hebben die ons vertelt hoe het allemaal precies werkt, wat waar is. En opnieuw kan er gesteld worden wat het betekent om ‘de waarheid’ te horen te krijgen van iemand anders.

Gezien deze problemen met moderne emancipatie, gaan we kijken of er oplossingen zijn in het werk van Foucault. Foucault schreef veel over de krachten die wij moeten overwinnen om tot emancipatie te komen. Hij stelt dat we kennis (wetenschap) niet kunnen gebruiken om deze krachten te overwinnen. Foucault stelt namelijk dat kennis en kracht min of meer hand in hand gaan en je daarom niet het een kan gebruiken om het ander te overwinnen. Is kennis dan waardeloos? Nee, slechts dat kennis niet meer puur of simpel is. Maar gecontamineerd is door de krachten die ons van emancipatie weerhouden. Volgens Foucault moeten we anders kijken naar emancipatie door eerst te accepteren dat er geen ontkomen is aan de krachten.

Hoe bereiken we dan emancipatie?

Volgens Foucault is dat lastig. Hij stelt een proces genaamd ‘eventalizatie’ voor. Dit houdt in dat in plaats van een uitleg voor een bepaalde feit, we een aantal uitleggen opstellen. Anders gezegd, dat we ons begrip van gebeurtenissen compliceren en pluraliseren. Dit resulteert niet in een dieper begrip, of dat we weten hoe krachten werken. Het probeert alleen datgene wat wij aannemen, in twijfel te trekken zodat we een inzicht krijgen dat er niet een manier is om het probleem van emancipatie op te lossen.

Tenslotte

Samengevat gaat ‘oude’ emancipatie – de emancipatie die we modern noemen – over het bevrijden van mensen van krachten die ze tegenhouden om vrij te zijn, het zet de emancipator boven de geëmancipeerde. ‘Oude’ emancipatie – wat ik tot dusver als moderne emancipatie heb benoemd – wordt gezien als datgene wat mensen aangedaan wordt, omdat het gebaseerd is op een fundamentele ongelijkheid en een afhankelijkheidsrelatie.
Foucault introduceert een ‘nieuwe’ emancipatie. Foucault accepteert dat er geen ontkomen is aan de krachten. Bovendien stelt hij dat kennis en krachten hand in hand gaan. Emancipatie is daarom niet iets wat de mensen wordt aangedaan door een ander, maar iets wat mensen zelf doen. Deze ‘nieuwe’ emancipatie is niet afhankelijk van een afhankelijkheidsrelatie. Mensen hoeven niet te wachten tot hun emancipator hun opdracht geeft. Foucault’s emancipatie gaat dus erom dat iedereen in staat is geëmancipeerd te worden zonder hulp van anderen. Iedereen kan geëmancipeerd worden, want ‘nieuwe’ emancipatie gaat uit van gelijkheid, hoewel dit niet betekent dat de maatschappij gelijk is. Emancipatie dus, volgens Foucault, komt niet door rationele consensus, maar door de diversiteit van gedachtes.

Zodoende zei Foucault:

“Scholen dienen dezelfde sociale functie als gevangenissen en mentale instituten – om mensen te definieren, classificeren, controleren en te reguleren.”

-Ali Naimi